ErikvanMarissing.nl
Klik op de foto om terug te gaan naar de beginpagina.
ErikvanMarissing.nl
Home
 
Actueel
 
Thema's
 
 
Informatie
 
Erik van Marissing
Welkom op de persoonlijke website van Erik van Marissing

U bent nu hier: /recreatieve woonmilieus

Recreatieve woonmilieus

Recreatieve woonmilieus als onderzoeksthema

Vroeger kon je, in elk geval als geograaf, in elke stad precies aanwijzen uit welke periode een wijk dateerde. Een jaren '30 tuinwijk was duidelijk te onderscheiden van een jaren'60 flatwijk of van een 'bloemkoolwijk' uit de jaren '70 en '80. Tegenwoordig is dat een stuk lastiger. Dat komt doordat er momenteel veel in retrostijl wordt gebouwd: wijken die lijken op wijken die we van vroeger kennen. Zo staan in het Amsterdamse Oostelijk Havengebied veel grachtenpanden, die geïnspireerd zijn door de grachtenpanden uit de grachtengordel en heeft Brandevoort in Helmond wel heel veel weg van een authentieke jaren '30 wijk. Hoewel de meningen over de pracht van deze wijken verdeeld zijn, staat vast dat de retrowijken een groot succes zijn. Mensen baseren hun woningvoorkeuren nu eenmaal op iets dat zij al kennen. Toch is er een nieuwe ontwikkeling te bespeuren: wonen op basis van leefstijlen en thema's. Deze nieuwe manier van bouwen is uit de Verenigde Staten overgewaaid en begint nu ook in Nederland zichtbaar te worden. Op verschillende plaatsen in ons land worden wijken ontwikkeld waar voor een bepaalde thematische insteek is gekozen. Woonwijken waar woningen en recreatieve voorzieningen worden gecombineerd zijn daarvan een goed voorbeeld.

Parc Sandur, Emmen (2002)

Recreatieve woonmilieus in Nederland

In 2003 heb ik mijn studie sociale geografie afgerond. Ik ben afgestudeerd op het onderwerp 'Recreatieve woonmilieus in Nederland'. Het onderzoek is uitgevoerd in drie wijken, die ten tijde van het onderzoek deels nog in aanbouw waren: Parc Sandur in Emmen, Haverleij in Den Bosch en Flevo Golf Resort in Lelystad. De probleemstelling luidde: "Welke typen recreatieve woonmilieus zijn er in Nederland en welke meerwaarde hebben deze ten opzichte van de traditionele woonmilieus?" De bijbehorende onderzoeksvragen waren: "Wat zijn recreatieve woonmilieus? Welke subtypen zijn er te onderscheiden? Wie zijn de bewoners? Wat is de meerwaarde van recreatieve woonmilieus voor de bewoners?"

Het onderzoek bestond uit een schriftelijke enquête onder de bewoners van de drie wijken en een aantal aanvullende interviews. Omwille van de privacy zijn de namen van de geïnterviewde personen en instanties niet openbaar gemaakt. Ook de enquête en begeleidende brief zijn niet op deze site opgenomen. Mocht u belangstelling hebben voor de vragenlijst, neem dan even contact met mij op.

Met mijn afstudeerscriptie heb ik in 2004 de tweede prijs behaald bij de Marc de Smidt Stogo Scriptieprijs 2003. Deze prijs wordt elk jaar uitgereikt aan de beste afstudeerscriptie van studenten sociale geografie aan de Universiteit Utrecht.

Dat het afstudeeronderwerp onverminderd actueel is, blijkt uit de veelvuldige berichtgeving in de media over nieuwe woonwijken, woonmilieus en woonconcepten. In het nieuwsoverzicht is bijvoorbeeld te lezen dat er eind 2007 een rapport van het Ruimtelijk Planbureau is verschenen over de opkomst van afgeschermde woondomeinen in Nederland en dat 'wonen bij je paard' de nieuwste ontwikkeling in de Noordoostpolder is op het gebied van wonen. In april 2008 presenteerde de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) een rapport over Waterwonen.

Meer informatie: website Parc Sandur | website Haverleij | website Flevo Golf Resort | afstudeerscriptie (PDF, 1,74Mb) | artikel Tijdschrift voor de Volkshuisvesting (PDF, 205Kb) | website SEV


Recreatieve woonmilieus in Almere

Voorafgaand aan mijn afstudeeronderzoek heb ik bij de gemeente Almere een verkennende studie uitgevoerd. Van januari tot april 2002 liep ik stage bij de Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Ik deed onderzoek naar de aanwezigheid van woonmilieus met een recreatieve betekenis, zoals woningen in, op of bij het water en woningen rond sportvoorzieningen als een manege of een golfbaan.

De probleemstelling van het onderzoek was als volgt geformuleerd: "Vormt de ontwikkeling van recreatieve woonmilieus een instrument voor de Gemeente Almere om de individuele woonwensen van de consument met de collectieve ambities van de Gemeente Almere te verenigen?" De individuele woonwensen kunnen daarbij als volgt worden geformuleerd: "De woonwensen van de consument die steeds diverser worden omdat de consument steeds meer en hogere eisen stelt aan zijn woning en woonomgeving en omdat tegelijkertijd ook steeds meer mogelijk is op het gebied van woningbouw." De collectieve ambitie hebben betrekking op de ruimtelijke inrichtingsopgave van ons land en kunnen worden omschreven als: "het creëren van voldoende keuzemogelijkheden voor de burger op de woningmarkt, mits de kwaliteit van de leefomgeving gewaarborgd blijft en het vergroten van de betrokkenheid van de burger bij de woning en woonomgeving".

De onderzoeksvragen luidden onder andere: "Wat is een recreatief woonmilieu? Wat is de meerwaarde van een recreatief woonmilieu voor de omgeving? Wat is de meerwaarde voor de bewoners? Zijn bewoners van een recreatief woonmilieu meer betrokken bij woonomgeving dan bewoners van een 'gewone' wijk?" En "Wat is de betekenis van recreatieve woonmilieus voor het verwezenlijken de beleidsdoelstellingen?"

In het voorjaar van 2008 hebben studenten van de Universiteit Utrecht een ontwikkelingsplan gemaakt voor de Amsterdamwegzone, een gebied dat deeluitmaakt van de Stedenwijk. De titel luidt: 'haal de stad in Stedenwijk'. Deze titel geeft al aan dat het gebied momenteel nog te geïsoleerd is van de rest van de stad. Eén van de manieren om hier verandering in aan te brengen is volgens de studenten door de recreatieve mogelijkheden van het gebied nadrukkelijker binnen de stedelijke context te positioneren.

Meer informatie: stagerapport (PDF, 2,4Mb)


Publicaties over recreatieve woonmilieus

In de volgende publicaties wordt aandacht besteed aan recreatieve woonmilieus:

  • Marissing, E. van (2002), Recreatieve woonmilieus in Almere. Gemeente Almere: Dienst Stedelijke Ontwikkeling (Stagerapport).
  • Marissing, E. van (2003), Recreatieve woonmilieus in Nederland. Een onderzoek naar de aanwezigheid en betekenis van recreatieve woonmilieus. Utrecht: Universiteit Utrecht, Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen (Doctoraalscriptie).
  • Marissing, E. van & F.M. Dieleman (2003), Permanent vakantiegevoel in recreatieve woonmilieus. In: Tijdschrift voor de Volkshuisvesting 9 (4), pp.21-25. Den Haag: NIROV.

Meer informatie: het volledige publicatieoverzicht is hier te vinden.

Welkom op de persoonlijke website van Erik van Marissing
Copyright © 2004-2012 Erik van Marissing | Laatst bijgewerkt op 8 januari 2012 | info@erikvanmarissing.nl